3. De aanvullende pensioenen in cijfers

De Belgische IBP's beheerden per 31/12/2024 samen 48,9 miljard EUR voor in totaal 2.657.329 deelnemers. De leden van PensioPlus vertegenwoordigen samen meer dan 90% van de sector (in termen van beheerde activa).

In 2025 realiseerden de Belgische pensioenfondsen een mediaan rendement van 4,6% en een gemiddeld rendement van 3,6%. Die cijfers illustreren opnieuw de veerkracht van het pensioenfondsmodel. In een financieel landschap dat wordt gekenmerkt door onzekerheid en wisselende marktdynamiek slagen pensioenfondsen erin rendement te realiseren zonder hun focus op stabiliteit en risicobeheersing te verliezen. Daarmee dragen zij rechtstreeks bij aan de bescherming van de koopkracht van aangeslotenen binnen de 2e pensioenpijler.

Deze resultaten staan niet op zichzelf. Over langere tijdsreeksen blijkt dat pensioenfondsen, ondanks onvermijdelijke schommelingen op korte termijn, consequent waarde opbouwen. Hun investeringsstrategie is immers gericht op de lange horizon die eigen is aan pensioenopbouw. Die langetermijnvisie maakt het mogelijk om inflatie en economische cycli op te vangen en vormt zo een essentieel fundament voor duurzame aanvullende pensioenen.

3.2 Rendementen sector  

3.2.1 Rendement in 2025

De pensioenfondsen behaalden gedurende 2025 een gemiddelde return van 3,6%. Eind 2025 investeerden de Belgische pensioenfondsen gemiddeld 35% in aandelen, 47% in obligaties, 3% in vastgoed, 3% in liquiditeiten en 12% in verschillende alternatieve activaklassen.

3.2.2 Rendementen bekeken op lange termijn

Pensioenfondsen zijn in de eerste plaats langetermijnbeleggers waardoor kortetermijnrendementen minder relevant zijn voor de sector. Over een periode van 41 jaar behalen de pensioenfondsen een reëel jaarlijks rendement na inflatie van 3,9%.

 

De waarde van 100 EUR

Rendementen sinds 1985

​​​​​

 

 

3.3 De soliditeit van de sector  

Zoals eerder vermeld, behaalden de Belgische pensioenfondsen in 2024 een gemiddeld rendement van 3,6%. De gemiddelde dekkingsgraad van de sector heeft met andere woorden zijn gestaag herstel sinds 2022 verdergezet. Pensioenfondsen blijven dus een robuuste partner in de financiering en het beheer van de aanvullende pensioenen, ook wanneer ze geconfronteerd worden met moeilijke marktomstandigheden.

3.4 Enkele cijfers van de 2e pijler  

Per 1 januari 2025 waren er in totaal 4.561.856 aangeslotenen binnen de 2e pijler met een totaal van 112.997.295.737,00 EUR aan opgebouwde pensioenreserves.

Zoals blijkt uit onderstaande grafiek blijven er grote verschillen naargelang het sociaal statuut van de aangeslotenen en bestaat er een werkelijke nood aan een verdere verdieping van de 2e pijler.

Verworven reserves voor werknemers

Verworven reserves voor zelfstandigen

Aanvullende pensioenen zijn een essentieel onderdeel van de pensioenoplossing

De 2e pijler heeft zijn plaats in het Belgisch pensioenbestel en is noodzakelijk om te zorgen voor een adequaat pensioen voor iedereen. Het wettelijk pensioen staat vandaag onder druk; demografisch evolueren we naar een situatie waarin steeds minder actieven bijdragen voor de gepensioneerden, terwijl omwille van de stijgende levensverwachtingen, de pensioenen steeds langer uitbetaald moet worden. De tandem van repartitie in de 1e pijler enerzijds en kapitalisatie in de 2e pijler anderzijds, is dan ook een noodzaak opdat elke toekomstige gepensioneerde van een onbezorgde oude dag zou kunnen genieten.

PensioPlus wil, in samenspraak met alle stakeholders, verder vormgeven aan een “en-enverhaal” dat een solide wettelijk pensioen combineert en aanvult met een brede en diepe 2e pijler en werkte daarrond een reflectienota uit (zie hoofdstuk 6).